“Ik ben de zwerver in de danswereld.” Samantha lacht.
Maar die woorden zeggen alles over hoe zij haar pad heeft gekozen.
Ze groeide op met dans, letterlijk vanaf het begin. “Ik ben eigenlijk altijd opgegroeid met dans. Ik heb filmpjes van vroeger… toen ik één jaar was kon ik al klappen op de beat.”
Ze glimlacht. “Spaanse genen hè.”
Thuis werd er altijd gedanst. Maar het moment dat het serieus werd, kwam iets later.
“Op een gegeven moment kwam er op mijn basisschool een crew langs uit Brunssum, onder leiding van Benito – toen nog Rock Steady Crew, nu D&D. Toen was het klaar. Ik was verkocht.”
Vanaf dat moment ging het snel. Wedstrijden, teams, trainen, alles tegelijk. Al op jonge leeftijd stond ze zelf voor de klas.
“Toen ik een jaar of 14 was, ben ik begonnen met lesgeven. Ik was wel een beetje mijn tijd vooruit. Heel serieus, heel committed.”
Op haar 24e zette ze de volgende stap.
“Toen heb ik mijn eigen bedrijf opgericht en ben ik fulltime dit gaan doen.”
Toch liep haar pad niet zonder twijfels.
“Ik ben ook een tijd gestopt. Gewoon omdat ik de danswereld even niet meer leuk vond. Te veel gedoe, jaloezie, haat. Daar ben ik geen mens voor.”
Al vroeg wist Samantha dat haar wereld groter was dan Nederland.
“Ik heb mezelf nooit echt gevestigd in Nederland. Er zijn nog steeds veel mensen die mij niet kennen hier. Dat is een keuze geweest.”
Ze vervolgt: “Ik dacht altijd: wat er ook gebeurt, ga mij niet in Nederland houden.”
Internationaal begon het ook al vroeg.
“In mijn eerste jaren bij Benito gingen we al naar internationale wedstrijden. Dus dat zat er meteen in.”
Die internationale connectie bleef.
“Ik heb altijd meer die link met het buitenland gehad. Daarom heb ik ook in Finland en Denemarken gewoond.”
Over Finland vertelt ze met een glimlach: “Ik woonde daar echt magisch. Helsinki was geweldig. De mensen, de sfeer… ik heb daar ook lesgegeven in een afro-dance school.”
Wat haar het meest opvalt, is de mentaliteit. “Daar is minder afleiding. Meer focus.”
Ze merkt het verschil niet alleen in hoe er getraind wordt, maar vooral in houding en discipline.
“Dansers komen daar echt om te werken. Ze luisteren, nemen dingen op en gaan er meteen mee aan de slag.”
Ze noemt landen als Macedonië en Montenegro: “Ik ben daar echt fan van. De discipline, het respect… dat is gewoon anders. Je voelt daar echt die drive.”
Dat is ook de reden dat ze er regelmatig terugkomt.
“Ik geef daar dancecamps en intensives. Werk met teams, maak sets voor wedstrijden en train solisten.”
Ze lacht: “Dat is echt bouwen met dansers. Je ziet ze groeien, en dat is waarvoor je het doet.”
Volgens haar zit het verschil niet per se in talent, maar in mindset. “De bereidheid om te werken ligt daar gewoon hoger. En dat maakt uiteindelijk het verschil.”
Na haar pauze kwam ze onverwacht terug in de wedstrijdwereld.
“Toen ik 21 was, deed ik voor de grap weer een wedstrijd mee. Mijn leerlingen zeiden: jij moet gewoon gaan.” Ze lacht. “En toen won ik. Ja, dan moet je door.”
Wat volgde, was een indrukwekkende run. “Ik heb uiteindelijk het Europees kampioenschap gewonnen als best female in de Adults All-Style categorie. Dat was nog nooit door een vrouw gedaan.”
Ze relativeert meteen: “Ik stond daar tussen die bakbeesten… met mijn 1.10 meter. En dan ga je naar een top drie. Dat heeft dusdanig wat indruk gemaakt.”
Maar juist dat contrast maakte indruk. Haar performance bleef hangen en daarmee ook haar naam.
Samantha beweegt zich moeiteloos tussen verschillende werelden: competities, choreografie en de battle scene. Maar die werelden liggen niet altijd dicht bij elkaar.
“Ik hou daar niet van. Het kan toch samen bestaan? Waarom zou je moeten kiezen?”
Zelf heeft ze die frictie ook ervaren.
“In Nederland voelde ik me soms veroordeeld. Niet welkom. Terwijl ik dat gevoel in het buitenland nooit had.”
Toch kiest ze er bewust voor om bruggen te blijven bouwen.
“Ik ben dankbaar voor alles wat de competitiewereld mij heeft gegeven. En battles hebben mij weer iets anders geleerd. Beide hebben waarde.”
Als judge heeft Samantha een duidelijke visie. “Ik jureer niet om te jureren. Ik wil dat jij groeit.”
Voor haar draait jureren niet om afrekenen, maar om ontwikkeling. Ze weet hoe groot de impact van een jury kan zijn. En daar hoort ook energie bij.
“Als ik daar als een soort soepkip sta… dan gaan dansers twijfelen. Je moet iets uitstralen. Dansers voelen alles. Eén blik kan al invloed hebben.”
Daarom kiest ze bewust voor een actieve, betrokken houding.“Iedere danser verdient het om gezien te worden. Van eerste tot laatste.”
Ze kijkt niet naar namen of verleden, alleen naar het moment.“Ben je op dat moment de beste, dan ben je de beste. Ben je dat niet, dan is het zo.”
Haar favoriete onderdeel tijdens een wedstrijd? “De battle. Altijd.” maar ook… “Trio/quad vind ik echt dynamisch. Zeker op EK en WK niveau.”
Tip voor dansers voor het komende EK en WK?
Haar advies is helder: “Level up.”
Ze legt uit: “Tussen NK en EK zit nog tijd. Gebruik die. Want op een EK komen alleen maar betere dansers.”
En verder: “Continuïteit. Blijven trainen. Elke ronde is nieuw.”
In haar lessen staat één ding centraal: eigenheid. “Ik wil geen kopieën van mezelf.”
Ze legt uit: “Een danser moet bewegen vanuit zijn eigen ik. Dat is waar het interessant wordt.”
Hoewel ze technisch sterk is en veel dansers begeleidt richting competitie, blijft dat haar basis.
“Ik kan je structuur geven, maar jij moet het invullen.”
Ook haar kijk op winnen en verliezen is duidelijk.
“Het resultaat is een momentopname. De vraag is: geef je op, of push je door?”
Ze kijkt verder dan alleen techniek.
“Je hoeft geen 19 tweelingen op het podium te hebben. Ik zoek naar persoonlijkheid.”
Zelfs in teams: “Als iets niet perfect clean is, maar je voelt het… dan kies ik daarvoor.”
Een van de meest bepalende momenten in haar carrière kwam tijdens een internationale battle. Ze won, maar voelde dat het niet terecht was.
Wat volgde, raakte haar diep.
“Ik kreeg geen hand. Mensen liepen weg. Dat brak me.”
Die ervaring veranderde haar kijk op de danswereld.
“Als je verliest, moet je respectvol blijven. Jij bepaalt de uitslag niet, dat doen de judges.”
Sindsdien is dat een van haar belangrijkste lessen, die ze ook doorgeeft aan haar leerlingen.
Een van de meest bepalende momenten in haar carrière kwam tijdens een internationale battle. Ze won, maar voelde dat het niet terecht was.
Wat volgde, raakte haar diep. “Ik kreeg geen hand. Mensen liepen weg. Dat brak me.”
Die ervaring veranderde haar kijk op de danswereld.
“Als je verliest, moet je respectvol blijven. Jij bepaalt de uitslag niet, dat doen de judges.”
Sindsdien is dat een van haar belangrijkste lessen, die ze ook doorgeeft aan haar leerlingen.
Misschien onverwacht: “Ik ben eigenlijk een hele introverte danser.”
Ze lacht. “Ik ben geen podiumbeest. Ik dans vanuit gevoel.”
En dat is precies haar punt: “Authenticiteit hoeft niet schreeuwerig te zijn. Je kan het ook voelen.”
Ze legt uit dat expressie niet altijd groot of zichtbaar hoeft te zijn.
“Je ziet het in kleine dingen. In keuzes, in timing, in hoe iemand beweegt. Dan weet je: dit is echt.”
Voor Samantha draait alles om energie.
“Wat je geeft, krijg je terug.”
Ze heeft dat door de jaren heen zelf moeten ervaren.
“Ik heb altijd mijn eigen cheerleader moeten zijn.”
Ze herinnert zich een moment dat haar kijk daarop definitief veranderde.
“Ik stond in een finale en van alle mensen om me heen stonden er uiteindelijk twee te kijken. Tony en één ouder.”
Ze haalt haar schouders op.
“De rest was eten. En dat is oké, dat neem ik niemand kwalijk.”
Maar juist dat moment bleef hangen. “Die twee hebben mijn finale gemaakt. Omdat die energie echt was.”
Voor haar zit daar de essentie. “Voor mij gaat het niet om hoeveel mensen er staan, maar om wie er echt voor je is.”
Die mentaliteit probeert ze ook over te brengen.
“Ik wil dat iedereen zich veilig voelt. Maar ik hoef dat niet terug te verwachten.”
Ze glimlacht. “Want wat je wél krijgt, is dan echt.”
Stilzitten is voor Samantha geen optie. Ze blijft zichzelf ontwikkelen, ook fysiek.
“Ik ben 36, word 37. Zolang mijn lichaam het toelaat, blijf ik doorgaan.”
Ze is daar realistisch in, maar ook vastberaden. “Ik ben nog steeds zelf aan het trainen. Dat vind ik belangrijk. Ik wil blijven groeien.”
Afgelopen jaar stond ze zelfs weer op de battle vloer. “Ik heb weer meegedaan aan battles, 2 vs. 2 Samen met mijn vriendin. Wij vullen elkaar heel goed aan.”
Ze glimlacht. “We hebben meteen tegen de winnaars mogen battlen. Dat was echt zo’n moment dat je denkt: oh ja… je staat er weer.”
Die ervaring smaakt naar meer. “Dat wil ik komend seizoen zeker weer gaan doen.”
Voor haar stopt het leren nooit. Nieuwe invloeden, blijven ontdekken, jezelf blijven uitdagen — het hoort er allemaal bij.
En dromen zijn er nog steeds. “Het is geen doel, maar wel een lichte droom… om een keer naar Asia te gaan.” Ze knikt. “Dat staat wel op mijn lijstje.”
Als ze één boodschap zou mogen meegeven, is het simpel – maar krachtig.
“Stay true to who you are.”
Ze kijkt even serieus.
“Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn. Maar behandel elkaar met respect. Altijd.”
“Omah Lay – Soso.”
Ze hoeft er niet eens over na te denken. “Dat nummer draait al twee jaar standaard bij mij.”
Zelfs haar omgeving kent haar inmiddels zo goed dat ze het nummer meteen met haar linken. “Collega’s zeggen letterlijk: als ik dat nummer hoor, denk ik aan jou.”
“Vegetarische Indian curry.”
“Ik zit het liefst in mijn eigen bubbel.”
Geen smalltalk, geen drukte. Focus.
“Ik praat het liefst zo min mogelijk. Gewoon in mijn eigen zone.”
“Advocaat.”
Ze lacht: “Ja, echt. Niet per se wat je verwacht, maar precies dat maakt het leuk."
“Mondje dicht dag.” Ze zegt het met een glimlach, maar ze meent het serieus.
“Samen met mijn hond. Gewoon niks. Misschien dat ik één keer tegen mijn hond blaf… maar dat is het.”
Voor iemand die zoveel energie geeft aan anderen, is stilte haar manier om op te laden.
“Mijn eerste keer jureren… en val meteen van het podium af.”
Ze lacht hard: “Cefas zei nog: pas op daar. En ja hoor… daar ging ik.”
Welkom in het vak.
“Ik heb ooit een trash battle gewonnen.”
Denk aan foute Q-music hits, gekke muziek, geen regels.
“I Like To Move It, Spice Girls… dat soort dingen.”
En ja – ook daar pakt ze gewoon de winst.
“Iets van Missy Elliott.”
Geen twijfel. Classic energy.
“Ik ben echt een enorme kluns. Dat verwachten mensen meestal niet, omdat ik best serieus overkom. Maar zodra die knop uitgaat, ben ik eigenlijk gewoon aan het overleven. Ik heb standaard blauwe plekken en vaak geen idee waarvan.”
“Ik heb niet echt één groot voorbeeld. Het zijn meer momenten met mensen die indruk maken.”
Ze herinnert zich een workshop die haar is bijgebleven.
“We kregen een gratis workshop van Henry Link, die weer in connectie staat met Buddha Stretch. Dat zijn echt de founders, de pioniers binnen hiphop. Hij was bijna de hele les met mij bezig, terwijl de zaal vol stond. Ik had niet eens door wie het was. Ik was gewoon aan het trainen.”
Later maakte ze iets vergelijkbaars mee, dit keer met Mr. Wiggles.
“We hadden een intensieve training en tijdens een break zei hij ineens: ‘This is a dancer."
Ze lacht. “Ik had niet eens door dat hij het tegen mij had.”
Dat moment bleef hangen. “Ik kon wel huilen. Ik dacht alleen maar: hoe dan?”
Wat haar bijblijft?
“Niet omdat het grote namen zijn, maar omdat ze zo menselijk zijn.”